De ondergrond in beeld
Vitens wil precies weten hoe de ondergrond in het gebied van Schalkwijk eruitziet, om in de toekomst eventueel een nieuwe drinkwaterproductie te ontwikkelen. Dat lijkt misschien simpel, maar onder het maaiveld speelt zich een complex verhaal af van kleilagen, zandpakketten en zoet en zout grondwater. Om de details goed in kaart te brengen werkt Vitens nauw samen met Wiertsema & Partners, die de veldmetingen uitvoert. Deze metingen vormen een belangrijke basis om straks een verantwoorde locatie voor een toekomstige winning te bepalen.
Meten voor nieuwe winning
Kees-Jan van der Made, directeur van Wiertsema & Partners, vertelt hoe zijn team dit project aanvliegt: “Bij de start van het project hebben we gekeken wat er al bekend was en wat voor gegevens er nodig waren.” Daarbij stonden twee vragen centraal:
- Hoe dik en aaneengesloten ligt de kleilaag boven het zandpakket waar Vitens straks grondwater voor kraanwater wint?
- Tot welke diepte zit er zoet grondwater onder die kleilaag?
Met de antwoorden op deze vragen kan Vitens bepalen hoeveel zoet water er beschikbaar is en hoe dit op een veilige manier gewonnen kan worden. Samen met Vitens heeft Wiertsema bepaald hoe deze informatie het beste verzameld kon worden. In fases zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd:
- Geofysische metingen (TDEM): hiermee worden diepe kleilagen en de overgang van zoet naar brakker of zouter grondwater tot wel 250 meter diepte zichtbaar.
- Diepe sonderingen en boringen (80–90 meter): deze bevestigen de exacte ligging en dikte van de kleilaag.
- Peilbuizen: in de diepe boringen geplaatst om waterkwaliteit en grondwaterstanden te meten en de nul-situatie vast te leggen.
Samen geven deze metingen een betrouwbaar beeld van wat er onder de grond gebeurt.
TDEM-meting, diepe boring en het plaatsen van peilbuizen tijdens een diepboring (v.l.n.r.)
Een zorgvuldig proces
“Het opzetten van een nieuwe drinkwatervoorziening is een langdurig en zorgvuldig proces,” vertelt Kees-Jan. “Voor ons was het project bijzonder, omdat we informatie moesten verkrijgen over een groot gebied. We moesten puzzelen om zo efficiënt mogelijk verschillende onderzoekstechnieken te combineren, en dat is gelukt.”
Het contact met bewoners en perceeleigenaren speelt een grote rol. Het veldwerk vindt plaats op hun land, en vaak kennen zij de omgeving door en door. Hun verhalen over oude rivierlopen of duinen helpen het onderzoek verder. Het laat zien dat een goede meting begint met een goed gesprek, en met begrip voor de wereld boven de grond.
Uitdagingen in de bodem en omgeving
Toch gaat elk project gepaard met uitdagingen. “Voor het uitvoeren van bodemonderzoek zijn we altijd te gast bij perceeleigenaren in het gebied”, aldus Kees-Jan. Dit betekent dat een goede afstemming nodig is: “We willen de bedrijfsvoering niet hinderen, geen schade veroorzaken en de omgeving niet tot last zijn. Samen met Vitens hebben we hier vooraf veel tijd in gestoken.” Ook in het veld zelf kwamen uitdagingen voorbij, zoals verstoringen in de ondergrond waardoor metingen soms aangepast of verplaatst moesten worden.
Samenwerking
Wiertsema werkte intensief samen met de technische teams van Vitens en de omgevingsmanagers om te bepalen waar en hoe metingen het beste uitgevoerd konden worden. Daarnaast is er contact met gemeenten over werkzaamheden in de openbare ruimte en met terrein- en perceeleigenaren over de planning en uitvoering. Zo verliepen de metingen zorgvuldig én met zo min mogelijk hinder voor de omgeving.
